LENTE
Bij het woord lente denk ik vrijwel meteen aan deze tekst.
Hebben olla vogala
Nestas hagunnan
Hinase hic enda thu
Wat unbidan we nu
‘hebban alle vogala’ is een van de eerste geschreven zinnen in de Nederlandse taal. Een monnik schreef het rond het jaar 1100 in de kantlijn van een Latijnse tekst om de nieuwe punt van zijn ganzenveer te testen. Er staat in modern Nederlands:
Hebben alle vogels
Nestjes begonnen
Behalve ik en jij
Wat wachten we nu
De auteur van deze tekst is anoniem. Toen mijn beste vriendin trouwde stond deze tekst op haar trouwuitnodiging. Daarop getekend stond een nestje met 1 ei erin. Ze was namelijk in blijde verwachting.
Persoonlijke leestips van:
Ingeborg van Boven, domeinspecialist volwassenen Bibliotheek VANnU
Heeft naast Bibliotheek en Documentaire Informatie ook Beeldende Kunsten gestudeerd. Werd op haar 5e lid van de bibliotheek en is nooit meer gestopt met lezen. Leest graag spannende boeken, reisverhalen, poëzie en boeken over kunst.
Jannie Regnerus (1971), Het geluid van vallende sneeuw. 
De auteur kreeg een beurs om als beeldend kunstenaar in Japan te werken. In het boek staan persoonlijke ervaringen en observaties over Japan en de Japanners. Dit boek doet mij aan de lente denken omdat hierin de nationale opwinding rondom het ontluiken van de kersenbloesem zo mooi beeldend beschreven is. Je ziet de massaal fotograferende Japanners en het knalroze straatbeeld voor je.
In Japan is de periode van de bloei van de kersenbloesem erg belangrijk. Iedereen trekt erop uit om te genieten van de bloesems. Voor de Japanners heeft kersenbloesem een magische betekenis, het is een nationaal symbool. Als de kersenbloesem gaat bloeien, geeft het journaal behalve weersvoorspellingen ook kersenbloesemberichten. De periode van bloei is heel kort maar zo zegt de Japanner:
De ware schoonheid van de bloesem gaat schuil in het lange wachten erop.
Vallende kersenbloesemblaadjes – zo stel ik mij voor- hebben ook het geluid van vallende sneeuw.
Klik hier om het boek te reserveren bij de bibliotheek.
Rokjesdag Martin Bril
Rokjesdag is de eerste dag in het voorjaar dat alle meisjes en vrouwen als bij toverslag opeens en masse op straat verschijnen met blote benen en een rok. Het gebeurt gewoon er wordt niets afgesproken.
Als kind was het altijd een strijd wie het eerste met blote benen naar school kwam.
Kibbelen met mijn moeder want zij vond het altijd nog te koud. Rode benen van de kou maar dat gaf niet!
In het boek Rokjesdag observeert, associeert en fantaseert Martin Bril over het verlangen naar de lente. Ik schiet in de lach bij het lezen over het probleem in Zwolle van de opwaaiende rokjes van de tennisters die automobilisten in gevaar brengen, de man in korte broek en over het eten van lammetjes bij de Librije (zo lief hè, en zo lekker)
Gewone dingen worden bijzonder door de manier waarop hij erover schrijft. En mannen dragen geen korte broek op straat!
Klik hier om het boek te reserveren bij de bibliotheek.
Onder mijn zolen! : verhalen over de Arabische opstand
door Marijn Kruk en Stefan de Vries.
De golf van revoluties die de tot de verbeelding sprekende naam de Arabische lente kreeg. Hoe kwam het zover, wat was de rol van internet en hoe gaat het nu verder. Dit soort vragen worden in het boek besproken. Bij lente denk je aan ontluikende krokussen maar lente heeft in dit verband weinig te maken met het seizoen op zich. De term geldt in overdrachtelijke zin, als de tijd waarin de zon weer doorbreekt na donkere, korte dagen en knoppen in bloei springen.
Mooi is het hoofdstuk over woorden als wapen. In Jemen zijn het de dichters die het vuur van de revolutie opstoken. De ongekroonde leider van de veranderingen is een dichter. Want de dichters gebruiken een taal die iedereen begrijpt. Leuke informatie over de Arabische X-factor voor dichters en de belangrijke rol van poëzie in Jemen voor allerlei soorten conflicten en problemen.
Klik hier om het boek te reserveren bij de bibliotheek.